Ondernemers en dierenopvang vrezen gevolgen vuurwerkverbod: 'Daar maak ik me flink kwaad over'

Vuurwerk bij een verkooppunt in Leek.
Het vuurwerkverbod is een feit: vanaf 1 augustus mag er door particulieren geen vuurwerk meer worden gekocht en afgestoken. Voor vuurwerkverkopers betekent dit een streep door een groot deel van hun jaaromzet. Dierenbezitters vrezen ondertussen een langere periode van onrust in plaats van een kortere. Velen zijn bang dat het verbod zijn doel voorbijschiet; wie wil knallen, wijkt simpelweg uit naar het buitenland.
Bij Koperen Jan Vuurwerk in Stad resteert alleen nog een kast met kindervuurwerk dat het hele jaar door verkocht mag worden. Mede-eigenaar Engelina Korneef ziet de rest van haar assortiment verdwijnen en daarmee ook een fors deel van haar inkomsten.
'De omzet uit vuurwerk is goed voor ongeveer de helft van de totale omzet van ons bedrijf', vertelt ze. De vaste lasten, zoals voor de zware stroomaansluiting, lopen ondertussen gewoon door.

'Bij ons gaat er jaarlijks zo’n 80.000 tot 90.000 euro aan vuurwerk de deur uit', zegt Korneef. 'Maar er zijn grotere verkooppunten die puur afhankelijk zijn van die laatste drie dagen van het jaar. Daar gaat rustig een paar miljoen doorheen.' Ze had dan ook liever een overgangstermijn gezien.
Een gemis van sfeer
Vuurwerkhandelaar Hans van der Louw van Hans Vuurwerk uit Nieuwolda relativeert de klap voor zijn eigen bedrijf: 'Voor ons is de vuurwerkverkoop erbij, dus in die zin is het vooral erg jammer.'Toch mist hij de sfeer en de eigen vuurwerkshow die jaarlijks honderden bezoekers trok. 'Er zijn dan veel mensen over de vloer en je hebt leuke gesprekken.'
Voor collega’s die wél volledig van de handel afhankelijk zijn, noemt hij het verbod ronduit een drama: 'Er zijn mensen die hier echt hun broodwinning uit halen.'
Compensatie blijft onduidelijk
Het kabinet trekt 100 miljoen euro uit om vuurwerkbedrijven te compenseren, maar ondernemers vinden dit bedrag vaag zonder concreet uitzicht. 'Er was volgens mij om 800 miljoen gevraagd', zegt Van der Louw.Ook Korneef loopt tegen onduidelijkheid aan: 'Er is wel sprake van een vergoeding, alleen is dat tot nu toe vooral gecommuniceerd met de leveranciers. Wij als winkeliers moeten het uit de media vernemen. Er is niks concreets helaas; daar baal ik als ondernemer best wel van.'
Juridische stappen en frustratie
Martin West van WestVuurwerk uit Stad is kritisch op de toon waarop de branche wordt benaderd. 'We hebben een legitieme branche opgebouwd en nu worden we ineens als een soort illegale handel weggezet? Daar maak ik me flink kwaad over.'Op de website van zijn bedrijf staat: 'Vuurwerkverkoop 2026 blijft mogelijk!! Wij als vuurwerk ondernemers leggen ons daar niet bij neer en zullen een juridische strijd aangaan om aan te tonen dat de toezeggingen niet worden nagekomen en gaan alsnog uit van verkoop op 29, 30 en 31 december.'
Hij overweegt naar de rechter te stappen: 'Ik wil gewoon gecompenseerd worden voor de geleden schade en ik wil duidelijkheid op papier.'
Vrees voor uitwijkgedrag naar Duitsland
Een terugkerend punt van kritiek is dat het verbod alleen de legale Nederlandse handel raakt en niet de vraag naar vuurwerk zelf. 'Wij merken al jaren dat mensen eerst naar Duitsland gaan om vuurwerk te halen', vertelt Korneef.'Pas als daar niks meer is, komen ze als laatste redmiddel naar ons. Ik vermoed dat het vuurwerk de komende jaren helaas net zo hard, al dan niet harder, vanuit de grensregio's gehaald gaat worden', zegt ze. West trekt een vergelijkbare conclusie: 'Het maakt voor de consument immers niet uit om het vuurwerk gewoon uit Duitsland te halen.'
Van der Louw houdt daarom, ondanks alles, een sprankje hoop dat het verbod ooit weer wordt teruggedraaid. 'Kijk maar naar de pulsvisserij: dat moest destijds ook in één keer stoppen, maar inmiddels beginnen ze er ook weer mee,' zegt hij.
'Het kan best zijn dat het legale vuurwerk nu wordt verboden, maar dat de overlast daardoor duidelijk niet verdwijnt. In dat geval sluit ik niet uit dat de verkoop van legaal vuurwerk in de toekomst gewoon weer wordt toegestaan.'
Praktische bezwaren bij uitzonderingsregels
De wet biedt ruimte voor gemeenten om lokaal gebonden verenigingen een vergunning te geven voor een gecontroleerde vuurwerkshow.Volgens Korneef is er achter de schermen nog helemaal niet uitgewerkt hoe zo'n regeling er in de praktijk uit moet zien: 'Welke loketten mogen dat vuurwerk dan gaan verkopen? Dat is nog helemaal niet bekend.'
Van der Louw somt de praktische bezwaren op: er moet binnen zo'n vereniging iemand worden opgeleid, je moet ergens je vuurwerk vandaan zien te halen, er moet een handhaver bij het afsteekpunt staan én je hebt een vergunning van de gemeente nodig. Hij betwijfelt of dat in kleinere dorpen goed van de grond komt.
'Stel je voor: wij wonen in Wagenborgen. Als de gemeente straks zegt: nou, weet je wat? Je mag achterop het industrieterrein vuurwerk afsteken. Denken ze dan echt dat het hele dorp daar gezellig naartoe trekt?'
Vuurwerkverkoper Hans van der LouwDenken ze dan echt dat het hele dorp daar gezellig naartoe trekt?
West ergert zich aan de hoeveelheden: 'Dan mag een vereniging nota bene 200 kilo vuurwerk meekrijgen, terwijl je als particulier nu helemaal niets meer mag.'
Voor Van der Louw is de uitzonderingsregel om nog een andere reden geen alternatief. 'Ik ga mijn bunker niet speciaal laten keuren voor die vijf verenigingen die straks door de vergunningprocedure heen komen. Dat is de investering simpelweg niet waard', zegt hij.
Dieren als stille lijdende partij
Waar vuurwerkverkopers vooral naar de portemonnee en de handhaving kijken, ligt bij Dierenpension Prins in Groningen de zorg ergens anders: bij de dieren zelf.Eigenaar Dorien Prins ziet ieder jaar rond de jaarwisseling honden en katten binnenkomen die doodsbang zijn. 'Ze zijn onrustig, piepen, blaffen en durven soms niet eens meer naar buiten om te plassen', zegt Prins.
Veel huisdiereneigenaren brengen hun huisdieren rond de jaarwisseling naar het pension van Prins. 'Ze doen dat vaak niet omdat ze zelf lekker op vakantie gaan, maar puur omdat het voor hun dier op dat moment het beste is.'
'In hun eigen straat of dorp is de overlast soms zo extreem, dat ze hun dier niet meer kunnen bieden wat het nodig heeft: rustig naar buiten kunnen.'

Dorien Prins van Dierenpension Prins.
Prins is in die zin niet per se tegen vuurwerk, maar wel tegen de extreme gevolgen die het heeft voor heel veel dieren. Juist daar zit haar grootste zorg over het verbod.
'Want het mag straks sowieso niet meer. Dus waarom zou je het dan niet al in november afsteken? Of in juni, als je het toch al ergens in het buitenland hebt kunnen krijgen? Het gaat sowieso gebeuren en het wordt daardoor oncontroleerbaar', zegt Prins.
Pleidooi voor een Europese aanpak
Meerdere betrokkenen, waaronder burgemeester Jaap Kuin van Pekela, gaven eerder al aan dat een nationaal verbod weinig oplost zolang zwaar vuurwerk in buurlanden te koop blijft.Korneef pleit dan ook voor een Europese aanpak. 'Zorg dat je Cobra's en dat soort zware knallers Europees verbiedt. Dan behoren die enorme plofknallen tot het verleden.'
Tot die tijd blijft de vuurwerkbranche in Groningen achter met veel vragen en weinig antwoorden: over compensatie, over de uitvoering van de verenigingsregeling en over de vraag of handhaving in de praktijk gaat lukken.
Voor Korneef, Van der Louw en West voelt het verbod daardoor vooral als een symbolische maatregel die de Nederlandse ondernemer raakt, terwijl het achterliggende probleem gewoon blijft bestaan.
Lees ook: https://www.rtvnoord.nl/meningen/1417675/lopend-vuur-het-vuurwerkverbod-zal-niet-veel-veranderen
Bron: https://www.rtvnoord.nl/politiek/14...urwerkverbod-daar-maak-ik-me-flink-kwaad-over